“We hebben de wereld laten zien dat internationale gerechtigheid mogelijk is”

Tijdens de eerste zitting van het Joegoslaviëtribunaal die hij bijwoonde, stond Nenad Golčevski (1976) oog in oog met Slobodan Milošević, die is aangeklaagd vanwege oorlogsmisdaden in Bosnië en Herzegovina, Kosovo en Kroatië. Dat was voor Nenad een bijzonder schokkend en emotioneel moment.

Liever luisteren dan lezen?
Om gebruik te maken van Soundcloud binnen onze website, dien je eerst de cookies te accepteren. Lees meer over ons cookiebeleid

Het leven van Nenad Golčevski is sterk verbonden geraakt met het Joegoslaviëtribunaal. “Ik begon als activist in Belgrado, deed een master in Nederland en ging daarna voor het tribunaal werken waaraan ik tot de sluiting verbonden was.”

Hij is trots op zijn werk. “Negentig procent van de informatie die tijdens de oorlog via de media verspreid werd, bestond uit propaganda. Alle partijen wierpen een mist op van nepnieuws en misinformatie. Het was verschrikkelijk om iedere dag de leugens te horen. Met het Joegoslaviëtribunaal konden we eindelijk een platform bieden voor andere verhalen. Onder de VN-vlag konden de slachtoffers, die tijdens de oorlog monddood waren gemaakt, de wereld vertellen wat er was gebeurd. De daders zijn ter verantwoording geroepen. We hebben laten zien dat internationale gerechtigheid mogelijk is.”

We waren praktisch buren en nu wonen we in twee verschillende landen.
Nenad Golčevski

Nog steeds vindt hij het erg dat zijn geboorteland niet meer bestaat. “Ik ben Joegoslaaf. Het zou een leugen zijn om dat te ontkennen. Ik ben er geboren en heb er vijftien jaar gewoond. Zonder te verhuizen wisselde ik vier keer van land, en werd ik uiteindelijk een inwoner van Servië. Ik ben erg gehecht aan mijn land; aan onze manier van leven, de straten waar mijn herinneringen liggen, de mensen die er wonen. In mijn beleving zijn alle mensen uit voormalig Joegoslavië nog steeds mijn landgenoten.”

Nenad kan nog steeds geraakt worden door de verhalen en getuigenissen die hij vanwege zijn werk hoort. Bijvoorbeeld door een Kroatische directeur van een ziekenhuis dat vlak bij zijn ouderlijk huis ligt. ”Ze sprak met hetzelfde accent als ik, haar cultuur lijkt op die van mij en ook wat uiterlijk betreft had ze familie kunnen zijn. We waren praktisch buren en nu wonen we in twee verschillende landen. Dat besef maakte me erg verdrietig.”

VN context

Na de dood van de communistische leider Tito in 1980 ontstaat in Joegoslavië een machtsvacuüm, waarbij meerdere leiders een etnisch-nationalistische politiek ontwikkelen. De polarisatie leidt in de jaren negentig tot geweld en een burgeroorlog tussen de verschillende bevolkingsgroepen. Wat etnische zuivering wordt genoemd - gedwongen verhuizingen, vervolging en moord - bepaalt de agenda van de nieuwe politiek, waarbij nationalistische leiders onafhankelijkheid en uitbreiding van grondgebied bevechten.

Voor de berechting en bestraffing van daders tijdens de Joegoslavische burgeroorlog en de bezetting van Bosnië richten de VN het internationale Joegoslaviëtribunaal (ICTY) op, waar tussen 1993 en 2017 meer dan 160 oorlogsmisdadigers berecht worden.

De Servische president Milošević wordt in 1999 aangeklaagd door het Joegoslaviëtribunaal wegens oorlogsmisdaden. Voordat hij veroordeeld kan worden overlijdt hij in gevangenschap, in 2006. De Bosnisch-Servische legerleider Ratko Mladić wordt in 2017 door het Joegoslaviëtribunaal schuldig bevonden aan genocide en misdaden tegen de menselijkheid en veroordeeld tot levenslang.

Het tribunaal leidt in het voormalige Joegoslavië tot verdere verdeeldheid, omdat veroordeelde oorlogsmisdadigers in hun thuisland vaak nog als helden vereerd worden, en hun misdaden ontkend.