“De Turkse bevolking blijkt niet anders dan wij”

De kunstenares Iliada Charalambous (1993) heeft Grieks-Cypriotische wortels en groeit op aan de zuidkant van Cyprus. Haar voorouders woonden voorheen in het noordelijke deel, maar moesten halsoverkop vluchten toen dat in 1974 door de Turken werd bezet.

Liever luisteren dan lezen?
Om gebruik te maken van Soundcloud binnen onze website, dien je eerst de cookies te accepteren. Lees meer over ons cookiebeleid

“Toen mijn grootouders vertrokken lieten ze alles achter”, vertelt Iliada Charalambous. “Ik groeide op met het beeld dat de Turken de vijand zijn. Toen ik acht was, kregen we opeens toestemming om het Turkse deel van het eiland te bezoeken.” Het is een spannend moment, haar grootouders zijn nooit eerder terug geweest.

Het beeld dat ik had dat zij slecht zijn, leek waar. Maar ik realiseerde me ook dat wij in hún ogen de vijand waren.
Iliada Charalambous
Iliada met haar ouders en broertje protesteren tegen de grens tussen het Griekse en Turkse deel van Cyprus. Hiermee kwamen zij in de krant.

De hele familie reist naar Noord Cyprus, ook Iliada gaat mee. In de straten hangen overal Turkse vlaggen, het voelt intimiderend. “Alsof ze zeiden: dit is ons land! We vroegen de weg en werden met stenen bekogeld. Het beeld dat ik had dat zij slecht zijn, leek waar. Maar ik realiseerde me ook dat wij in hún ogen de vijand waren. Aan het eind van de dag moest ik overgeven van alle spanning.”

Mijn grootouders moesten huilen, ze herkenden de olijfbomen, zelfs hun schommel hing er nog.
Iliada Charalambous

Maar als ze bij het huis van haar grootouders komen, verandert de sfeer radicaal. “We werden hartelijk verwelkomd door een man en een vrouw. Zij sprak alleen Turks, maar was zo lief”, weet Iliada nog goed. “Mijn grootouders moesten huilen, ze herkenden de olijfbomen, zelfs hun schommel hing er nog. En in het huis troffen ze alles nog aan wat zij destijds hadden achtergelaten. Van meubels, schilderijen en kleren tot juwelen en geld, 35 jaar lang hadden deze mensen alles bewaard, in de hoop dat de eigenaren een keer terug zouden komen.”

Het bezoek aan het oude huis van haar grootouders.

Als ze vertrekken, nemen ze mee wat in de auto past, en spreken af contact te houden. Een paar maanden later komen dezelfde mensen bij hun op bezoek; ze blijven eten, voeren gesprekken. “We draaiden muziek die we allemaal kenden en mooi vonden, hebben veel gelachen.” Er ontstaat een vriendschap.

De gebeurtenis is een keerpunt in Charalambous’ leven. “Uit hun solidariteit en compassie bleek dat de Turkse bevolking niet anders was dan wij. En dat zij niet onze vijand waren, in tegendeel. Het leerde mij dat we allen mensen zijn, met dezelfde kwetsbaarheden en geschiedenissen die ons hebben gevormd.”

VN context

Op Cyprus is sinds 1964 een VN Vredesmacht (UNFICYP) gestationeerd. Daarmee is het één van de langstlopende missies van de Verenigde Naties ooit.

Het eiland Cyprus staat sinds 1878 onder Britse heerschappij. Na de nationalistische opstand tegen de Britse koloniale overheersing, krijgt het eiland in 1960 zijn onafhankelijkheid en een eigen regering formeert de Republiek Cyprus. Maar met meer autonomie ontstaan ook spanningen tussen de Grieks-Cypriotische en Turks-Cypriotische bevolking van het eiland, resulterend in geweld.

De VN sturen een vredesmacht naar het eiland, maar ze kunnen de escalatie van politiek geweld niet voorkomen. Onder leiding van de Griekse Hounta voert de Grieks-Cypriotische nationalistische beweging in 1974 een gewelddadige staatsgreep uit tegen de Cypriotische regering. Vijf dagen later valt Turkije Cyprus binnen en verovert een deel van het eiland. De VN-Veiligheidsraad wijst deze Turkse invasie af en breidt het mandaat van de vredesmacht uit. De VN bufferzone tussen het noordelijk en het zuidelijk deel van Cyprus wordt nog altijd door UNFICYP bewaakt, terwijl een oplossing van het conflict niet in zicht is.